Optrekken van de ambtshalve pensioenleeftijd van 365 ziektedagen
Deze leeftijd zal afgestemd worden op die van het vervroegd pensioen

Deze woensdag 15 juni is het ontwerp van wet ter aanpassing van artikel 83 van de wet van 5 augustus 1978 voorgelegd aan de Commissie Sociale Zaken van de Kamer.
Dit artikel voorziet de ambtshalve oppensioenstelling van een ambtenaar de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin hij, na 60 jaar, 365 verlofdagen of disponibiliteit wegens ziekte totaliseert. De leeftijd van 60 jaar is bepaald met als uitgangspunt de minimum leeftijd die ten tijde van de wet (1978) toeliet met vervroegd pensioen te gaan.
Na de opeenvolgende pensioenhervormingen van de vorige en huidige Regering, is de leeftijdsvoorwaarde om met vervroegd pensioen te kunnen gaan progressief verhoogd. De aanpassingen van het artikel 83 beogen het afstemmen van de verhoging van die leeftijd van 60 jaar met die leeftijd die een werknemer toelaat om met vervroegd pensioen te gaan.
Dit betekent dat de leeftijd van 60 jaar opgetrokken zal worden :
- tot 62 jaar vanaf 1 juli 2016
- tot 62,5 jaar vanaf 1 januari 2017
- tot 63 jaar vanaf 1 januari 2018
De Minister van Pensioenen, Daniel BACQUELAINE :
« Door artikel 83 aan te passen wil ik de coherentie vrijwaren van ons pensioensysteem door rekening te houden met de verschillende pensioenhervormingen die al zijn goedgekeurd. Voortaan zal het gebruik van de 365 ziektedagen niet meer worden beperkt boven de leeftijd van 60 jaar maar boven de leeftijd van 62 jaar, daarna 62,5 jaar en uiteindelijk 63 jaar. Deze optrekking zal de ambtenaren toelaten om langer hun mogelijkheid tot sociale re-integratie te behouden net als hun kapitaal aan ziektedagen. »